1. Dit reglement bevat de algemene bepalingen, de regels voor de interne club kompetitie, de regels voor de beker kompetitie, de regels rondom aanvang van de speelavond, de regels rondom afbreken en einde van een schaakpartij en alle overige bepalingen van schaakvereniging Attaqueer.
2. Waarin dit reglement sprake is van een mannelijke persoonsaanduiding wordt vanzelfsprekend ook de vrouwelijke persoonsaanduiding bedoeld.
3. Het bestuurslid dat belast is met de taak de interne club kompetitie en de beker kompetitie te organiseren wordt aangeduid met wedstrijdleider.
4. De wedstrijdleider is verantwoordelijk voor de naleving van het reglement. Als zodanig bevordert hij het goede verloop van het spelen van de wedstrijden.
5. In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur van de vereniging.
6. Het bestuur geeft jaarlijks een schaakkalender uit. Op deze schaakkalender staan o.a. alle interne club kompetitie avonden, beker kompetitie avonden, en de avond(en) waarop afgebroken partijen en/of vrije partijen gespeeld kunnen worden. De wedstrijdleider is verantwoordelijk voor het opstellen van de schaakkalender.
7a. De interne club kompetitie is opgedeeld in twee delen.
7b. De eerste helft, hierna de winter kompetitie genoemd, loopt van de start van het seizoen tot en met 31 december.
7c. De tweede helft, hierna de zomer kompetitie genoemd, loopt van 1 januari tot het einde van het seizoen.
8a. Zowel de winter kompetitie als de zomer kompetitie worden gespeeld volgens het keizer systeem.
8b. Iedere speler krijgt aan het begin van de winter kompetitie en de zomer kompetitie een waardecijfer gebaseerd op de eindstand van de daaraan voorafgaande kompetitie. Nummer 1 krijgt 70 punten, nummer 2 krijgt 69 punten, enz.
9a. De wedstrijd indeling wordt aan het begin van de speelavond door de wedstrijdleider vastgesteld. Ingedeeld worden alle spelers die om 20.25 aanwezig zijn en die spelers die met de wedstrijdleider overeen zijn gekomen dat zij later mogen komen.
9b. De wedstrijdleider zal zoveel mogelijk bevorderen dat elke speler per winter kompetitie of zomer kompetitie minimaal één keer, en maximaal twee keer, tegen dezelfde speler kan spelen. De wedstrijdleider zal hierbij geen rekening houden met de beker kompetitie. De beker kompetitie kan er dus toe leiden dat twee spelers vaker, of zelfs vlak achter elkaar, meerdere malen tegen elkaar moeten spelen.
9c. Indien er een oneven aantal spelers aanwezig is op de speelavond zal de wedstrijdleider voorafgaand aan de indeling een speler uitsluiten. De wedstrijdleider hanteert hierbij de volgende regels:
9c1. Als eerste worden alle mogelijke bekerwedstrijden ingedeeld.
9c2. Daarna informeert de wedstrijdleider onder de resterende spelers of er iemand is die vrijwillig wil worden vrijgesteld.
9c3. Mocht er meer dan één vrijwilliger bekend zijn bij de wedstrijdleider dan beslist de wedstrijdleider wie wordt vrijgesteld.
9c4. Als oneven speler kan men maar één maal het aantal punten verdienen zoals aangegeven in regel 10i. Slechts als alle aanwezigen die geen bekerwedstrijd spelen, reeds één keer oneven zijn geweest, kan men als vrijwilliger opnieuw punten verdienen.
9c5. Indien geen vrijwilliger wordt gevonden bepaald de wedstrijdleider middels loting welke speler wordt uitgesloten voor deze speelronde. Spelers die in een voorgaande ronde tijdens het seizoen al een keer zijn vrijgesteld doen niet mee aan deze loting. Het maakt hierbij niet uit of de vorige uitsluiting vrijwillig dan wel door loting was bepaald.
9d. Indien een speler niet aanwezig kan zijn hoeft hij geen afbericht te geven.
10a. Voor een gewonnen partij krijgt de winnaar het waardecijfer van de verliezer bij zijn puntentotaal opgeteld.
10b. Voor een partij, die in remise is geëindigd, wordt de helft van het waardecijfer van de tegenstander bij het puntentotaal opgeteld.
10c. Voor een verliespartij krijgt een speler geen punten.
10d. Voor de wedstrijden die voor de NHSB kompetitie moeten worden gespeeld op een clubavond krijgt de speler standaard tweederde van zijn waardecijfer toegekend.
10e. Op de door het bestuur vastgestelde inhaal c.q. vrije speelavond(en) worden geen punten behaald, behalve de te verrekenen punten van de afgebroken partijen.
10f. Wanneer een bezoeker (= niet lid) op de kompetitie avond aanwezig is, kan door een clublid tegen deze bezoeker een partij worden gespeeld. De kompetitie speler krijgt hiervoor honderd procent van zijn eigen waardecijfer bij zijn puntentotaal.
10g. Indien een speler niet aanwezig kan zijn in verband met representatieve verplichtingen voor de vereniging - dit ter beoordeling door de wedstrijdleider -, dan krijgt hij tweederde deel van zijn waardecijfer bij zijn puntentotaal opgeteld. Representatief zijn in ieder geval het Bekertoernooi van de NSHB, het Westfries kampioenschap en vergaderingen van de NSHB en de KNSB waar onze aanwezigheid gewenst is.
10h. Indien een speler afwezig is, en hij kan geen beroep doen op regel 10d of 10g, krijgt hij eenderde deel van zijn waardecijfer bij zijn puntentotaal opgeteld.
10i. Indien een speler niet kan spelen omdat hij vrijvalt volgens regel 9c, zijnde een oneven aantal spelers op de speelavond, dan krijgt hij zijn volledige waardecijfer bij zijn puntentotaal opgeteld.
11a. Op de puntentotalen wordt een herberekening uitgevoerd, conform het door de wedstrijdleider gebruikte computerprogramma.
11b. Een nieuw lid krijgt een plaats gebaseerd op het totaal aan eenderde delen wat hij had gescoord als hij iedere reeds verspeelde ronde afbericht had gegeven.
11c. Bij een afgebroken partij wordt voorlopig aan elke speler eenderde van zijn eigen waardecijfer bij het punten totaal opgeteld. Zodra de partij is uitgespeeld, vindt verrekening plaats.
12a. Zowel de winter kompetitie als de zomer kompetitie kennen een kampioen en een b-kampioen. Degene die de meeste punten heeft verzameld is winnaar.
12b. Wanneer twee of meer spelers bij het beëindigen van de winter kompetitie of de zomer kompetitie een gelijk puntentotaal hebben behaald en op de eerste plaats staan in de eindrangschikking moeten tussen deze spelers een of meer beslissingswedstrijden worden gespeeld. Dit volgens een door de wedstrijdleider vast te stellen rooster en richtlijnen.
12c. De club kampioen is diegene die de minste strafpunten heeft volgens de samengevoegde ranglijst van de winter kompetitie en de zomer kompetitie. De samengevoegde ranglijst wordt als volgt opgesteld:
12c1. De eerste plek in de winter kompetitie en de zomer kompetitie geeft één strafpunt, de tweede plek twee strafpunten, etc.
12c2. Indien iemand pas gedurende de zomer kompetitie lid wordt krijgt hij voor de winter kompetitie net zoveel strafpunten als diegene die laatste werd in de winter kompetitie.
12c3. Het aantal strafpunten van een speler is gelijk aan het aantal strafpunten behaald volgens regels 12c1 en 12c2.
12d. Wanneer twee of meer spelers volgens de samengevoegde ranglijst een gelijk aantal strafpunten hebben behaald en op de eerste plaats staan in de eindrangschikking geeft het samengevoegde aantal punten zoals behaald binnen het keizer systeem van de winter kompetitie en de zomer kompetitie de doorslag. Mocht ook dit aantal gelijk zijn dan moeten tussen deze spelers een of meer beslissingswedstrijden worden gespeeld. Dit volgens een door de wedstrijdleider vast te stellen rooster en richtlijnen.
12e. Het vaststellen van de winnaar van de b-kompetitie verloopt op exact dezelfde wijze als beschreven in regels 12b, 12c en 12d. Deelname aan de b-kompetitie wordt gebaseerd op de eindranglijst van het voorafgaande seizoen.
13a. De beker kompetitie is een afvalsysteem vergelijkbaar aan de voetbal bekercompetitie. 13b. Na elke ronde valt maximaal de helft af.
13c. De beker kompetitie is alleen toegankelijk voor leden die in de senioren kompetitie spelen.
13d. De wedstrijden worden door loting bepaald. De loting wordt verricht tijdens de ledenvergadering of op de clubavond voor de aanvang van de beker competitie.
13e. De wedstrijden worden gespeeld op de data zoals vastgesteld door de wedstrijdleider. De speeldata zijn opgenomen in de schaakkalender.
13f. Uitslagen tellen mee voor de interne club kompetitie. De partij dient op de clubavond te worden verspeeld.
13g. De uitslag van een wedstrijd moet bekend zijn voordat de volgende bekerronde begint. Om hiervan zeker te zijn gelden de volgende subregels:
-13g1. Als een van de spelers zich afmeldt wordt de wedstrijd de week eropvolgend opnieuw ingepland.
- 13g2. Indien de wedstrijd niet gespeeld is voordat de volgende ronde begint verliest de speler met de meeste afzeggingen.
- 13g3. Bij een gelijk aantal afzeggingen wordt de winnaar door loting bepaald.
13h. De speelduur is hetzelfde als in de interne kompetitie.
13i. Indien de partij in remise eindigt, dan moet op dezelfde avond een snelschaakpartij (eerst 10 min pp daarna 5 min pp) een beslissing brengen. Hierbij worden de kleuren omgekeerd. De partij dient, indien aanwezig en beschikbaar, gespeeld te worden met een digitale klok. De remise uitslag wordt in de kompetitie verwerkt.
13j. Er is een beker beschikbaar voor de 1ste plaats.
14a. De wedstrijden beginnen om 20.30 uur.
14b. Om 20.30 uur heeft de wedstrijdleider het recht de klok in werking te zetten.
14c. Indien een speler bekend is wie zijn tegenstander is, en deze tegenstander heeft geen afspraak gemaakt met de wedstrijdleider dat hij later komt, heeft de speler vanaf 20.31 het recht om zelf de klok in werking te zetten.
15a. Elke speler krijgt voor de eerste 36 zetten anderhalf uur bedenktijd.
15b. Na 36 zetten wordt het speeltempo 20 zetten in 30 minuten.
15c. Senioren leden die de leeftijd van 16 jaar nog niet hebben bereikt spelen met een tijdsduur van 4 kwartier per persoon voor de eerste 36 zetten. Bij het vallen van de klok wordt voor beide spelers de klok drie kwartier doorgedraaid. Hierna wordt geen tijd meer toegevoegd. Als derhalve de klok na 1 kwartier nogmaals valt kan door de tegenstander winst worden geclaimd.
16a. Een partij kan worden afgebroken na de 36e zet van zwart en drie uur spelen indien beide spelers dit voor de partij overeenkomen en aan de wedstrijdleider kenbaar maken.
In alle andere gevallen kan pas worden afgebroken na de 56e zet van zwart. Alleen met goedkeuring van de kompetitie leider kan hiervan worden afgeweken.
16b. Wordt tot afbreken besloten dan moet de speler die aan zet is zijn eerstvolgende zet op het daartoe bestemde formulier schrijven en in een envelop sluiten.
16c. De afgegeven zet dient in volledige, uitgebreide notatie te worden opgeschreven.
16d. De aan zet zijnde speler brengt daarna de klok tot stilstand. Indien de speler de bedoelde zet op het bord uitvoert, moet hij dezelfde zet op het formulier noteren.
16e. De wedstrijdleider controleert of op de envelop de volgende gegevens staan: de naam en kleur van beide spelers; de stelling op het moment van afbreken van de partij; de verbruikte speeltijden; het nummer van de afgegeven zet; de datum en tijdstip van uitspelen.
16f. Pas hierna kan worden besproken of de partij al dan niet zal worden uitgespeeld. Degene die de zet heeft afgegeven moet als eerste aan de kompetitieleider duidelijk maken of hij de partij wil uitspelen.
16g. Een afgebroken partij dient te worden beslist op uiterlijk de derde speelavond na de speelavond waarop de partij is gestart.
16h. De spelers beslissen zelf waar en wanneer wordt uitgespeeld.
16i. Voor de laatste kompetitieronde geldt dat elke partij wordt beslist op die speelavond.
16j. De speler die zijn zet heeft afgegeven is er verantwoordelijk voor dat de envelop van de betreffende partij tijdig bij de wedstrijdleider wordt opgevraagd.
16k. Valt er aldus geen beslissing, dan zal arbitrage de uitslag bepalen. Elke speler benoemt een voor hem optredende arbiter. Deze beide arbiters benoemen een derde arbiter. De arbiters bepalen de uitslag bij meerderheid van stemmen. Zij beoordelen de partij vanaf de stelling die is ontstaan na uitvoering van de afgegeven zet.
16l. wedstrijdleider houdt toezicht op de juiste gang van zaken tenzij hij zelf partij is. In dat geval draagt hij het toezicht over aan een medelid.
17. Tenzij in dit kompetitie reglement anders is bepaald wordt er gespeeld volgens de jongste uitgave van de "Regels voor het schaakspel, vastgesteld door de wereld schaakbond (FIDE)", in de officiële Nederlandse bewerking, uitgegeven door de KNSB.
18. In geval door een speler wordt geprotesteerd tegen de gang van zaken, kan de wedstrijdleider - na partijen te hebben gehoord - dit protest voorleggen aan een daarvoor in te stellen commissie. Wanneer de wedstrijdleider - na de partijen te hebben gehoord - evenwel meent op duidelijk aantoonbare gronden te kunnen beslissen, doet hij dat onverwijld.
19. Tijdens de wedstrijd dienen de wedstrijdleider, de spelers alsmede andere aanwezigen zich te onthouden van opmerkingen en / of aanmerking over de partij, het gebruik en / of de stand van de klok. Pas nadat de klok is stilgezet, mag een partij worden besproken.
20. De wedstrijdleider is verplicht tot kontrole op tijdsoverschrijding.
21a Om winnaar te worden van de bondsbeker dient de speler tenminste vier maal voor de bond gespeeld te hebben.
21b Degene met het hoogste percentage (aantal punten gedeeld door het aantal wedstrijden) wint.
21c. Bij gelijk percentage wint diegene met het meeste aantal punten.
22. De winnaar van de ratingbeker is degene met de grootste toename in ratingpunten volgens een keizersysteem over het gehele seizoen.
23. De wedstrijdleider geeft voor aanvang van de kompetitie aan welke spelers in aanmerking komen voor het b-kampioenschap.
24a. De hoogste bondsteams worden ingedeeld volgens de samengevoegde ranglijst van het voorgaande seizoen. Zie voor een definitie van de samengevoegde ranglijst regel 12c.
24b. Voor het laatste team komen alle overige spelers in aanmerking. De beslissing is hierbij aan de teamleider.
24c. Het bestuur kan een bemiddelende rol spelen als men van een van deze punten wil afwijken.
25. Op de avonden dat er competitie wordt gespeeld geldt er een rookverbod tot 22.00 uur.
Wognum 6 september 2001
Gerard Beerepoot